allevogels


advertentieruimte

Botaurus stellaris

Roerdomp - Botaurus stellaris - Great Bittern

De roerdomp hoort bij de familie der reigers (Ardeidae) en is een vogel die ook in Nederland voorkomt. Er zijn 10 soorten roerdompen, waarvan 4 in het geslacht Botaurus.

  • Botaurus lentiginosus - Noord-Amerikaanse roerdomp (Rackett, 1813)
  • Botaurus pinnatus - Zuid-Amerikaanse roerdomp (Wagler, 1829)
  • Botaurus poiciloptilus - Australische roerdomp (Wagler, 1827)
  • Botaurus stellaris - (Europese) roerdomp (Linnaeus, 1758)
  • Ixobrychus flavicollis - Zwarte roerdomp (Latham, 1790)
  • Tigriornis leucolophus - Afrikaanse tijgerroerdomp (Jardine, 1846)
  • Tigrisoma fasciatum - Gestreepte tijgerroerdomp (Such, 1825)
  • Tigrisoma lineatum - Rosse tijgerroerdomp (Boddaert, 1783)
  • Tigrisoma mexicanum - Mexicaanse tijgerroerdomp (Swainson, 1834)>/li>
  • Zonerodius heliosylus - Nieuwguinese tijgerroerdomp (Lesson, 1828)
"Onze" roerdomp is rond de 75 cm groot en is vooral bekend om zijn fantastische schutkleur. De vogel leeft in rietvelden en als hij gestrekt stil staat, is hij zo goed als onzichtbaar. Kenners weten de vogel vaak te lokaliseren door zijn geluid, de roerdomp maakt een heel laag geluid dat nog het meest lijkt op het slaan op een grote houten trommel. Dan nog blijft het lastig de vogel in het wild te spotten, hij is vrij schuw. Hij vertoont zich voornamelijk vlak na en vlak voor de schemering en hij leeft vaak op moeilijk bereikbare plekken, aan de randen van grote rietvelden. De lange tenen bieden de vogel voldoende grip om op waterplanten en wortels te lopen.

Roerdompen leven rond zoet water maar ook in gebieden met brak water, zolang er maar voldoende beschutting en voedsel aanwezig is en het water moet niet al te troebel zijn. Deze kleine reigerachtige jagen namelijk op zicht, in het water en tussen dichte oeverplanten. Een groot deel van het voedsel wordt gevormd door vis, waaronder ook aal. Daarnaast worden libelles en andere forse insecten gegeten, evenals muizen, salamanders, kikkers en allerlei larven.
De prooien worden gevangen door een razendsnelle stoot van de snavel, altijd uit stilstand als verrassingsaanval uitgevoerd. Ook hierbij is de schutkleur bijzonder nuttig.

De meeste roerdompen in Nederland blijven het hele jaar in hun territorium, alleen bij zeer strenge winters trekken ze naar Zuid-Europa. De dieren die in Noord- en Oost-Europa leven, trekken uit voorzorg in oktober al zuidelijker. Zij brengen de winter door in Azië.

In de broedtijd zijn vooral de mannetjes roerdompen niet bepaald vriendelijk voor elkaar. In een bittere strijd om de vrouwtjes worden niet zelden concurrenten met de scherpe snavel gedood. De overwinnaar claimt een gebied van wel 10 vierkante kilometer. Dan maakt hij ineens juist heel hoge geluiden, dit om vrouwtjes die van ver op de lage geluiden afgekomen zijn , nog meer naar zich toe te lokken. Hij paart binnen zijn territorium met tot wel 5 vrouwtjes. De dames bouwen elk een goed verborgen nest, soms in het riet, vaak ook tussen de stengels van lisdodde.

Een legsel bevat gemiddeld 5 eieren, die het vrouwtje zelf in 26 dagen uitbroedt. De jongen blijven ongeveer 2 weken in het nest en wandelen dan achter moeder aan. Ze leren vliegen als ze 7 weken oud zijn. Ook jonge roerdompjes zijn geen lieverdjes. Als de ouders niet snel genoeg voedsel aandragen, schrikken de grootste jongen er niet voor terug de kleinste uit het nest op te eten.
Zodra ze helemaal zelfstandig zijn, vliegen de jongen weg om een eigen vaste leefplek te vinden. Ze kunnen hierbij zeer grote afstanden afleggen, honderd kilometer of meer is geen uitzondering. Door deze grote spreiding voorkomt de soort inteelt, elk jong zoekt een eigen plek, ver van de genenpoel waaruit hij afkomstig is.

Terug naar boven


Copyright Allevogels.nl
Overname van foto's en/of artikelen is niet toegestaan zonder uitdrukkelijke toestemming van de beheerder van allevogels.nl. De copyright-rechten blijven te allen tijde bij de oorspronkelijke auteur cq fotograaf, geheel in overeenstemming met de Wet.