allevogels


advertentieruimte

ook een website?

www.websitewf.nl

Motacilla or Phylloscopus sibilatrix

Fluiter - Motacilla or Phylloscopus sibilatrix - Wood Warbler

De fluiter is een kleine zangvogel die leeft in Noord- en West-Europa en in het westen van Azië, grofweg tot aan de Oeral. In de winter trek hij naar Afrika. Deze vogel wordt vaak verward met de fitis en tjiftjaf, en leeft zo onopvallend tussen het gebladerte dat niet veel mensen hem zullen herkennen. Het grootste verschil is de intensiteit van het geel, vooral de oogstreep en de borst hebben een veel fellere kleur dan die van de twee genoemde andere soorten. Fluiters worden ook in Nederland regelmatig gezien.

De fluiter is voor het eerst wetenschappelijk beschreven door Bechstein, in 1792. Hij noemde de vogel Phylloscopus sibilatrix. Een jaar later veranderde hij het echter alweer en deelde de vogel in onder het geslacht Motacilla. Voor mij is niet geheel duidelijk wat nu de meest correcte naam zou zijn. Het woord Phylloscopus is een samenvoeging van de Griekse woorden voor blad en zoeker en sibilatrix komt uit het Latijn en betekent fluiter. Een fluiter die tussen bladeren zijn voedsel zoekt dus.
Er zijn nooit ondersoorten van beschreven.

Fluiters ogen altijd vrij slank, ze lijken wat langgerekt en zijn ongeveer 12 cm groot. Ze leven zoals gezegd tussen de bladeren en zoeken daar de hele dag naar voedsel. Ze eten allerlei kleine insecten, de larven daarvan en spinnen.
De Nederlandse naam fluiter danken ze aan hun lieflijke zang, meestal bestaand uit fraaie riedeltjes korte tonen die in toonhoogte verschillen.

De favoriete habitat bestaat uit dichte bossen, eikenbossen en andere bossen met veel loofbomen. De broedtijd ligt tussen april en juni, als er voldoende insecten te vinden zijn om de jongen groot te brengen. Koppels bouwen samen een komvormig nestje, goed verscholen op de bosbodem tussen afgevallen bladeren en ondergroei. Soms lijkt het nest eerder op een hol, als ze onder afgevallen takken hun nestje maken.

De pop legt 5 tot 7 eitjes die beide vogels om beurten bebroeden. Zodra de jongen geboren zijn, vliegen beide ouders de hele dag af en aan met voedsel, bladluis en larven van kleine vliegjes vormen het hoofdvoedsel de eerste week. Daarna voeren ze ook de vliegjes zelf.
De jongen groeien snel op dit dieet vol dierlijke eiwitten en al snel lijkt het nestje veel te krap. Na twee weken vliegen de jongen uit, ze puilen dan letterlijk uit het nest. Ze worden nog een dag of 10 gevoerd door de ouders en moeten dan snel zelf veel gaan eten. Al eind augustus begint namelijk de trek naar de overwintergebieden ten zuiden van de Sahara.

De fluiter, weer een soort om eens naar uit te kijken.

Terug naar boven


Copyright Allevogels.nl
Overname van foto's en/of artikelen is niet toegestaan zonder uitdrukkelijke toestemming van de beheerder van allevogels.nl. De copyright-rechten blijven te allen tijde bij de oorspronkelijke auteur cq fotograaf, geheel in overeenstemming met de Wet.