allevogels


advertentieruimte

ook een website?

www.websitewf.nl

Cinnyricinclus leucogaster

Amethistspreeuw - Cinnyricinclus leucogaster - Violet-backed Starling

De amethistspreeuw komt voor in geheel Centraal Afrika vlak onder de Sahara met een voorkeur voor het oosten, hij leeft in dicht beboste gebieden. De vogel is voor het eerst beschreven in 1783 door Pieter Boddaert, een Nederlandse geneesheer en deskundige op natuurhistorisch gebied. Later is de soort opgesplitst in 4 ondersoorten:

  • Cinnyricinclus leucogaster leucogaster
  • Cinnyricinclus leucogaster friedmanni
  • Cinnyricinclus leucogaster verreauxi
  • Cinnyricinclus leucogaster arabicus
  • In het Engels zijn amethistspreeuwen bekend onder meerdere namen, behalve Violet-backed Starling worden ze ook Amethyst Starling, Plumcolored Starling en Violet Starling genoemd.

    De vogels zijn rond de 19 cm groot en er is een wel zeer duidelijk verschil zichtbaar tussen mannen en poppen. Alleen de mannen hebben de fraaie kleuren, de poppen zijn net als mannen licht gekleurd van onderen, maar met bruine streepjes en ze zijn bruin gestreept op kop, rug en vleugels.
    Deze spreeuwen trekken van voedselaanbod naar voedselaanbod, waarbij vooral het weer de rijpheid van hun voedsel en dus route bepaalt. In de broedtijd echter trekken grote groepen amethistspreeuwen honderden, soms meer dan duizend kilometer zuidelijker naar vaste broedgebieden waar ze in september aankomen.

    Ametistspreeuwen eten fruit en insecten, het fruit zoeken in bomen en struiken, insecten vangen ze op de grond, in de bomen en soms in de lucht. Een vlucht uitvliegende termieten is een ware traktatie voor ze en op de vele bessen die ze eten zitten ook vaak massa's fruitvliegen, die ze als extraatje eten. Deze spreeuwen zoeken ook vaak in schors naar larven, zonder te hakken komen ze zo toch aan hun portie dierlijk voedsel.

    Als de vogels in het zuiden zijn aangekomen, zoekt elk koppel een plek voor een nest, vaak in de vork van takken, soms in holtes. Van takken en bladeren maken ze een stevig nest, dat bekleed wordt met mossen en verse mest van grote zoogdieren. De mest wordt ook als een soort cement gebruikt om het nest goed vast te maken.
    Een legsel bestaat gewoonlijk uit 3 eieren, soms 4. Alleen de pop broedt en hierbij komt haar schutkleur bijzonder goed van pas. De man blijft in de buurt en zingt in die tijd het hoogste lied. Na 13 dagen al komen de eieren uit en beide ouders voeren de jongen met voornamelijk dierlijk voedsel. De jonge groeien dan ook snel en vliegen uit als ze net 20 dagen oud zijn.

    Als het even kan, badderen amethistspreeuwen meerdere keren per dag, zo houden ze hun prachtige verenpak in goede conditie.

    Terug naar boven


    Copyright Allevogels.nl
    Overname van foto's en/of artikelen is niet toegestaan zonder uitdrukkelijke toestemming van de beheerder van allevogels.nl. De copyright-rechten blijven te allen tijde bij de oorspronkelijke auteur cq fotograaf, geheel in overeenstemming met de Wet.