allevogels


advertentieruimte

sterna hirundo

Visdiefje - Sterna hirundo - Common Tern

Het visdiefje is van oorsprong een zeevogel, hij hoort bij de sternenfamilie (Sternidae). De Engelse naam Common Tern betekent vrij vertaald "meest gewone stern", vanwege het feit dat hij zoveel voorkomt. Het visdiefje is ruim 30 cm groot en daarmee een vrij kleine stern.

De nominaatvorm van deze vogel werd voor het eerst beschreven door Linnaeus in zijn in 1758 gepubliceerde werk Systema Naturae. De toevoeging hirundo is het Latijnse woord voor zwaluw, vanwege de wat gelijke vlucht van het visdiefje.
Inmiddels zijn er 4 ondersoorten beschreven.
De nominaatvorm Sterna hirundo hirundo dus, dan de Sterna hirundo longipennis, die in 1835 werd beschreven door Nordmann. In 1876 ontdekte Saunders de ondersoort tibetana en pas in 1925 beschreef Sushkin de minussensis.

Omdat visdiefjes zoveel voorkomen en zo verspreid leven, komen er binnen de ondersoorten ook nog eens uiterlijke verschillen voor die puur geografisch veroorzaakt lijken. Alsof het niet moelijk genoeg was, hebben visdiefjes ook een zomer- en een winterkleed. Ga er maar aanstaan als ornitholoog. :-)

Visdiefjes komen voor op het hele noordelijk halfrond en een groot deel van het zuidelijk halfrond. Alleen zuidelijker dan halverwege het continent Afrika worden ze niet gezien. De vogels broeden vaak in wat warmere streken en trekken na de broedtijd weer terug naar hun andere leefgebied. Zoals de naam al zegt, eten ze voornamelijk vis. Daarnaast vangen ze ook kleine kreeftachtigen.

De jachtmethode is prachtig om te aanschouwen. Ze vliegen een paar meter boven het water en waar ze visjes aan de oppervlak zien, storten ze zich als een pijl uit een boog in het water. Behalve op open zee, jagen ze ook vaak aan de kust en steeds vaker ook in binnenwateren. Ondiepe poldersloten, vaarten en meren blijken enorm veel voedsel te bevatten, hebben ze kennelijk ontdekt. Door herhaaldelijk over een sloot te vliegen en heel vaak te duiken, komen ze aan hun kostje

Hoewel deze sternen vaak solitair jagen, broeden ze in kolonies. In hun broedseizoen verzamelen zich kleine en grote groepen die een nest maken op oevers, in duinen en moerasgebieden en waterbergingen maar soms zelfs op havenhoofden of nog gekker, op dukdalven (de houten palen die rond bruggen en sluizen staan).

Er zijn koppels die een heus nest maken van modder, grassen en bladeren, maar er zijn ook stellen die een simpel kuiltje in het zand of grind prima vinden. Kleine, al of niet natuurlijke, eilandjes zijn favoriet vanwege de veiligheid. Als de nestplaats klaar is, biedt het mannetje zijn partner visjes aan. Zodra ze die accepteert, is het koppel echt gevormd. Na een dag of 3 van fraaie baltsvluchten en na verschillende paringen worden er 3 of 4 eieren gelegd.

Visdiefvrouwtjes beginnen al na het leggen van het eerste ei te broeden, waardoor de eieren niet tegelijk uitkomen. Toch lukt het de ouders vaak alle 3 of 4 jongen groot te brengen. Onder andere door de vele dierlijke eiwitten in het voedsel, groeien alle jongen erg snel. Ook de kleinste van het nest redt het vaak dankzij de goede ouderzorg. Al na een maand zijn de jongen geheel zelfstandig.

Terug naar boven


Copyright Allevogels.nl
Overname van foto's en/of artikelen is niet toegestaan zonder uitdrukkelijke toestemming van de beheerder van allevogels.nl. De copyright-rechten blijven te allen tijde bij de oorspronkelijke auteur cq fotograaf, geheel in overeenstemming met de Wet.