allevogels


advertentieruimte

Anas penelope

Smient - Anas penelope - Eurasian Wigeon

De smient is een eend die als wintergast in Nederland voorkomt, hij komt hier overwinteren omdat het dan in zijn eigen leefgebied veel te koud is en er niets meer te eten is. In de zomer en herfst leeft hij in het noorden van Europa en het noorden van Azië. Hij komt ook op IJsland voor.
Smienten komen niet bepaald alleen, ze verschijnen met duizenden tegelijk, alleen al in Nederland overwinteren jaarlijks een miljoen exemplaren. In de winter zijn er bijna net zoveel smienten als wilde eenden in Nederland.
De vogels die het eerst naar het zuiden trekken, strijken neer in zout water, vaak de Oostzee en aan alle kusten die daaraan liggen. Pas een maand later schuift de hele groep weer wat op en worden ook binnenwateren en vooral graslanden bevolkt.

De smient is rond de 47 cm groot en het mannetje (de woerd) is fraai gekleurd. Het meest opvallend is de bruine kop met de lichtgele streep er over. Die fraaie kleuren heeft hij overigens alleen aan het eind van onze winter, vlak voordat hij terugvliegt naar zijn broedgebieden. Het vrouwtje is zoals gebruikelijk wat minder fel van kleur maar heeft een bijzonder mooie rugtekening, die in de broedtijd als uitstekende schutkleur fungeert.

Smienten zijn grondeleenden maar horen niet tot de duikeenden, ze duiken niet of zelden. Ze zoeken hun voedsel in ondiep water en vooral op graslanden. Waterplanten zijn favoriet, maar die liggen in de winter ook bij ons toch vooral op de bodem. In het water zie je ze dan ook vaak op z'n kop staan, waardoor alleen het achterlijf en de staart zichtbaar zijn. De mannetjes eten alleen waterplanten, de vrouwtjes eten ook vaak muggen. Zodra het even warm genoeg is en de muggen weer gaan vliegen, zie je de dames smienten dan ook heel vaak in de lucht happen. Op de oevers en in weilanden eten ze vooral gras, kruiden en wortels van diverse plantjes.

Broeden doen deze eenden zoals gezegd in het uiterste noorden van Azië en Europa. Ze leven dan op uitgestrekte toendra's en taiga's waar zeer voedzame korte grassen en mossen voorkomen. Deze planten groeien snel vanwege de korte zomer en zijn o.a. daardoor zeer rijk aan voedingsstoffen. Ook bieden ze beschutting aan de nesten, die op de grond gemaakt worden.
Per legsel worden er gemiddeld 6 witte eieren gelegd met uitschieters naar 9 stuks. De eend broedt en de woerd bewaakt haar en het nest. De jongen zijn nestvlieders en kunnen direct ook zwemmen. Beide ouders maken op het wateroppervlak voer fijn dat de jonge smienten zelf oppikken.

Terug naar boven


Copyright Allevogels.nl
Overname van foto's en/of artikelen is niet toegestaan zonder uitdrukkelijke toestemming van de beheerder van allevogels.nl. De copyright-rechten blijven te allen tijde bij de oorspronkelijke auteur cq fotograaf, geheel in overeenstemming met de Wet.