allevogels


advertentieruimte

Perdix perdix

Patrijs - Perdix perdix - Grey Partridge

De patrijs is al in 1758 beschreven door Linnaeus, pas veel later zijn er 5 ondersoorten beschreven. Er is heel veel variatie tussen individuën onderling en soms zijn de verschillen tussen ondersoorten marginaal. Er zijn een paar benoemde ondersoorten later teruggeplaatst in een al bestaande, zodat er nu officieel 6 ondersoorten zijn:

  • Perdix perdix perdix (Linnaeus, 1758) - Komt voor op de Britse eilanden, in het zuiden van Scandinavië, in de Alpen en op de balkan.
  • Perdix perdix armoricana (E. J. O. Hartert, 1917) - Engeland en Frankrijk.
  • Perdix perdix hispaniensis (Reichenow, 1892) - Portugal en Spanje.
  • Perdix perdix lucida (Altum, 1894) - Noord-Scandinavië en Noord-Azië.
  • Perdix perdix canescens (Buturlin, 1906) - Turkije, de Caucasus en Iran.
  • Perdix perdix robusta (Homeyer & Tancré, 1883) - Vanaf de Oeral tot het westen van Siberië en het noorden van China.
In Nederland hebben we meestal de nominaatvorm, maar ook mengvormen komen veelvuldig voor waar leefgebieden aan elkaar grenzen.
Omdat de vogel veelvuldig uitgezet is voor jacht, komt hij nu in meer landen voor, in Noord-Amerika is het zelfs een veelvoorkomende vogel geworden daardoor.

Terug naar de vogel zelf. De patrijs is een van de leden van de familie fazantachtige en is rond de 30 cm groot. Hij heeft een vrij plomp lichaam en een geweldige schutkleur. Als hij stil op de grond zit, kun je er vlak langs lopen zonder hem op te merken.
Er is een subtiel verschil tussen de haan en de hen, de haan heeft een forse donkerbruine buikvlek, de hen niet. Om die te zien, moeten de vogels wel mooi rechtop staan.

Patrijzen leven op open vlakke terreinen met wat lage beplanting, in Nederland is dat heel vaak op en rond landbouwgronden. Ze zoeken hun voedsel tussen grassen en struiken. Dat voedsel bestaat uit zaden, kruiden, jong gras en insecten. Krekels en sprinkhanen behoren tot de favoriete prooidieren.

Het geluid van de patrijs is het best te omschrijven als een soort "droog, hoog gekraak", korte geluidjes vaak een heleboel keer achter elkaar. Buiten de broedtijd leven patrijzen vaak in groepen, in gebieden met veel hoog gras (dus beschutting) vaak in groepen van 20 tot 30 exemplaren. Ze kunnen prima vliegen, maar dat doen ze eigenlijk alleen bij gevaar en om bijvoorbeeld slootjes over te steken als ze naar een nieuw voedselgebied willen. Het liefst lopen ze en ze kunnen ook behoorlijk hard rennen.

In de broedtijd, die al in februari kan beginnen, zoeken koppels elk hun eigen voedselgebiedje op. Zodra er voedsel genoeg is, begint de hen eieren te leggen, dat kunnen er wel 15 zijn. Ze legt ze in een simpel kuiltje in de grond, haar schutkleur moet voldoende bescherming bieden.
De hen broedt de eieren zelf uit, daar doet ze ruim 3 weken over, het mannetje treedt op als bewaker. De jongen zijn nestvlieders en kunnen vrijwel direct lopen. Beide ouders voeren ze de eerste 2 weken alleen dierlijk voedsel, eerst kleine en oplopend steeds grotere insecten, wormen en slakjes. Pas daarna gaan de kleintjes ook zaden oppikken.

Doordat de jacht op patrijzen in Nedederland verboden is en omdat ze goed beschermd worden door diverse vrijwilligersorganisaties èn dankzij welwillende boeren, is de patrijs in grote delen van het land nog te zien. De foto's op deze site zijn gemaakt vlakbij Den Oever, in de Kop van Noord-Holland. In Brabant, Overrijssel en Drente komen ze gelukkig ook nog voor.
Als u ze wil zien, patrijzen lopen vaak aan de randen van akkers en zijn het meest actief in de ochtend- en avondschemering, ook laten ze zich dan wat meer horen.

Terug naar boven


Copyright Allevogels.nl
Overname van foto's en/of artikelen is niet toegestaan zonder uitdrukkelijke toestemming van de beheerder van allevogels.nl. De copyright-rechten blijven te allen tijde bij de oorspronkelijke auteur cq fotograaf, geheel in overeenstemming met de Wet.