allevogels


advertentieruimte

ook een website?

www.websitewf.nl

Calonectris diomedea

Kuhls pijlstormvogel - Calonectris diomedea - Cory's Shearwater

In 1769 al werd deze pijlstormvogel beschreven en wel door Giovanni Antonio Scopoli, een Italiaanse arts en bioloog. Met de Engelse naam is de vogel vernoemd naar de Amerikaanse ornitholoog Charles B. Cory.
Tegenwoordig wordt aangenomen dat er twee ondersoorten zijn, de nominaatvorm Calonectris diomedea diomedea en de ondersoort Calonectris diomedea borealis. De nominaatvorm leeft rond de middellandse zee en Zuid-Europa, de boralis meer zuidelijk op de Atlantsche oceaan. De nominaatvorm wordt ook wel beschreven als Scopoli's Shearwater.
Ten onrechte is de Kaapverdische pijlstormvogel, de Calonectris edwardsii ook als ondersoort van de diomedea gezien, maar dit is later, in 1998, herzien.
Waarom deze vogel de naam Kuhls pijlstormvogel gekregen heeft, is ons niet duidelijk geworden. Vermoedelijk is het een verwijzing naar de Duitse ornitholoog Heinrich Kuhl, maar deze man hield zich voornamelijk met papegaaien bezig. Wie het weet, mag het zeggen.

De Kuhls pijlstormvogel leeft dus voor de kust van Portugal tot aan de kusten van Afrika maar brengt bijna zijn hele leven vliegend boven de oceaan door, hij komt alleen aan land om te broeden. Eten, rusten en zelfs sterven doet hij vliegend. Op grote schepen worden soms dode exemplaren aangetroffen die letterlijk uit de lucht komen vallen.

Deze pijlstormvogel is vrij kort, rond de 50 cm, heeft een plomp lichaam en een spanwijdte van ruim 130 cm. Bijna logisch is het een piscivoor, een viseter, maar hij eet ook garnalen, kwallen en inktvissen. Al zijn prooi plukt hij van het wateroppervlak of duikt hij op, hij kan meer dan 10 meter diep duiken.

Eens per jaar komen deze vogels aan land, dat begint in maart en duurt tot half juli. Dan strijken ze neer op eilandjes en rotskusten aan de Afrikaanse westkust om te broeden. Ze nestelen in spleten en op richels tussen wat losse stenen. Elk koppel zoekt een plekje in een reusachtig grote kolonie en het vrouwtje legt een enkel wit ei. Vanwege de hoge temperaturen overdag, hoeft ze alleen 's nachts te broeden. Dat is ook het veiligst vanwege de vele grote rovers onder de meeuwensoorten die er ook altijd aanwezig zijn. De incubatietijd is vrij lang, ruim 7 weken en de jongen blijven 70 dagen in het nest voor ze kunnen vliegen.

Na 60 dagen echter al, gaan de ouders het jong minder voeren. Lange tijd is gedacht dat dit was om het jong te dwingen tot uitvliegen. Onderzoek heeft echter aangetoond dat hier hormonen een belangrijke rol bij spelen. Zelfs als de ouders helemaal zouden stoppen met voeren, vliegt het jong pas uit als het 70 dagen oud is. Dit is zo secuur bepaald dat er zelfs jongen sterven als de ouders te vroeg gestopt zijn. Hormonen blijken sterker dan honger.

Kuhls pijlstormvogels maken opvallend genoeg totaal geen geluid als ze boven zee zijn. Alleen als ze op hun broedplaatsen zijn, maken ze geluiden die nog het meest lijken op klagerig meeuwengeschreeuw.
Zodra de jongen kunnen vliegen en vissen, trekt de hele kolonie weer naar zee waar ze weer 7 maanden zullen verblijven.

Terug naar boven


Copyright Allevogels.nl
Overname van foto's en/of artikelen is niet toegestaan zonder uitdrukkelijke toestemming van de beheerder van allevogels.nl. De copyright-rechten blijven te allen tijde bij de oorspronkelijke auteur cq fotograaf, geheel in overeenstemming met de Wet.