allevogels


advertentieruimte

Tyto alba

Kerkuil - Tyto alba - Barn Owl

De kerkuil is een echte metropoliet, hij leeft in Afrika, Amerika, Australië, Azië en Europa. Hij bewoont vooral de laaglandgebieden, ook de randen van steden en dorpen. De kerkuil behoort tot de familie Tytonidae. Het aantal soorten dat tot deze familie behoort, is bij ons niet bekend, dit komt doordat de diverse boeken en websites elkaar tegenspreken. We zijn tegengekomen dat er 13, 15, 16, 18 en zelfs 35 soorten tot deze familie behoren. Waar alle sites het wel over eens zijn, zijn de volgende soorten:

  • Tyto alba - Kerkuil
  • Tyto aurantia - New Britain kerkuil
  • Tyto capensis - Kaapse grasuil
  • Tyto glaucops - Hispaniolakerkuil
  • Tyto inexspectata - Minahassakerkuil
  • Tyto longimembris - Aziatische grasuil
  • Tyto manusi - Manus kerkuil
  • Tyto nigrobrunnea - Neumann kerkuil
  • Tyto novaehollandiae - Australische kerkuil
  • Tyto rosenbergii - Sulawesi-kerkuil
  • Tyto sororcula - Molukse kerkuil
  • Tyto soumagnei - Madagaskar-grasuil
  • Tyto tenebricosa - Zwarte kerkuil

Beperken we ons nu even tot de soort die we hier beschrijven, dan kunnen we melden dat van deze soort 2 ondersoorten beschreven zijn, te weten:

  • Tyto alba alba - Deze soort heeft een witte buik met stippen en vlekken, ook heeft deze soort een lichter rugdek dan de hierna beschreven ondersoort.
  • Tyto alba guttata - Deze soort heeft een donkerbruine tot oranjegele buik en is donker op de rug en vleugels. Deze soort komt in onze omgeving ook het meest voor.

Het voedsel van de kerkuil bestaat voor 98% uit woelmuizen, spitsmuizen en ware muizen, de rest van het voedsel bestaat uit amfibieën, vogels en ongewervelde dieren. De reden dat deze getallen zo zuiver zijn, is omdat er naar het voedsel van de kerkuil veel onderzoek is gedaan. Dit werd gedaan door de braakballen te onderzoeken op onverteerde prooiresten.

Het nest van de kerkuil werd in het verleden gebouwd in bijvoorbeeld kerken, schuren, ruïnes, graansilo's en torens. Echter door de overlast van kauwen en duiven zijn veel van deze vlieggaten afgesloten. Om dit probleem op te vangen worden er door de diverse werkgroepen in Nederland speciale nestkasten voor kerkuilen opgehangen.

In het nest worden 4 tot 7, soms zelfs wel 10 witte eieren gelegd. Het exacte aantal wordt bepaald door het aanbod aan muizen ten tijde van het leggen van de eieren. Zijn er weinig muizen, dan legt de uil minder eieren. Dit is een nuttig stukje instinct van de uil, want bij een lager aanbod van muizen is er minder voedsel voor al haar jongen.
De eieren worden vanaf de eerste dag alleen door het wijf (zo noemen we een vrouwtjes uil) bebroed. De man zorgt er voor dat het wijf tijdens het broeden voldoende voedsel krijgt. Zorgt de man niet voor voldoende voedsel, dan zal het wijf het nest verlaten om zelf voedsel te gaan zoeken. Zij keert daarna niet meer terug op het nest. Zorgt de man wel voor voldoende voedsel, dan zal na ongeveer 30 dagen het eerste jong uit het ei komen. De andere eieren komen met tussenpozen van 2 dagen uit.

Het voedsel van de jongen bestaat uit de zachte stukjes en de darmen van muizen. De hardere delen, alsmede de kop worden door het wijf zelf opgegeten. Vanaf een week of 10 zijn de jongen zelfstandig en verlaten ze voor korte periodes het nest. Na 3 tot 4 maanden verlaten de jongen definitief het ouderlijk nest. Dit is niet geheel vrijwillig, maar komt omdat de ouders dan hun agressie op de jongen afreageren. Deze periode is ook de periode waarin de meeste jonge kerkuilen dood gaan.

We hadden het zojuist al over de diverse werkgroepen die nestkasten ophangen. Door de inzet van deze werkgroepen is de populatie van kerkuilen in Nederland de laatste jaren weer gestegen. Omdat wij dit initiatief een warm hart toedragen willen we hier graag even de website van de landelijke werkgroep aanbevelen.

Terug naar boven


Copyright Allevogels.nl
Overname van foto's en/of artikelen is niet toegestaan zonder uitdrukkelijke toestemming van de beheerder van allevogels.nl. De copyright-rechten blijven te allen tijde bij de oorspronkelijke auteur cq fotograaf, geheel in overeenstemming met de Wet.