allevogels


advertentieruimte

Morus bassanus

Jan van gent - Morus bassanus - Northern Gannet

De Jan van Gent is een van de 10 soorten binnen de familie Genten (Sulidae). Hij is ingedeeld in het geslacht Morus, waar ook de Morus capensis (Kaapse Jan van Gent) en de Morus serrator (Pacifische Jan van Gent ) toe behoren.
Deze grote zeevogel is al in 1758 beschreven door Linnaeus en er zijn ook later nooit ondersoorten van beschreven.

Jan van genten zijn rond de 95 cm groot en hebben een spanwijdte van ruim 180 cm. Er is nauwelijks uiterlijk verschil te zien tussen de geslachten, alleen een klein detail; vrouwtjes hebben groene lijnen op hun tenen, mannetjes gele. Deze vogels vormen koppels voor het leven en ze blijven ook buiten de broedtijd bij elkaar in de buurt.

Hun leefgebied bestaat zo'n 8 maanden per jaar uit oceanen en zeeën, alleen om te broeden komen deze reuzen aan land. De vogels vetten hun veren in met een vettige substantie uit een speciale klier, zodat de veren waterafstotend blijven. Ook na een duik zijn ze zeer snel weer droog.

Het menu van de Jan van Gent bestaat bijna uitsluitend uit vis, ze vangen deze met duikvluchten en scheppen ze van het wateroppervlak, ook vaak achter schepen. Als bijvangst eten ze ook inktvis en andere schaaldieren.

Broeden doen ze in kolonies, vaak van vele duizenden exemplaren. In West-Europa broeden ze in en om Schotland en Engeland en aan de Franse kust. Sinds 2 decennia broeden ze ook op een van de Duitse Waddeneilanden, op Helgoland.
Beide ouders maken van alles wat ze kunnen vinden een fors nest, liefst tegen een steile rotswand. Ze gebruiken zeewier, grassen, aarde maar ook afval wat ze op zee vinden, stukken touw, visnet en zelfs stukken plastic (helaas drijft er nogal wat hier en daar).

Oudere koppels arriveren het eerst op de broedgronden en beginnen direct aan een nest. Jongere vogels, ze zijn dan 4 of 5 jaar oud, vormen pas dan koppels. Per jaar is er één legsel van slechts een enkel ei. De incubatietijd is ruim 6 weken en de broedende vogels houden het ei warm door er hun voeten omheen te vouwen.
De jongen worden de eerste weken gevoerd met voorverteerde vis, na ongeveer een maand krijg ze kleine hele vissen te eten.
Jonge Jan van Genten zijn niet zo druk als veel andere nestelingen, ze lijken te beseffen dat een nest op een hoge klif een wat gevaarlijke plek is. Er uitvallen betekent een zekere dood.

Na ongeveer 70 dagen vliegen de jongen uit, al die tijd zijn ze gevoerd door de ouders. Vanaf dat moment zien ze hun ouders 3 of 4 jaar niet meer terug, ze blijven op zee en keren pas terug naar de kolonie als ze zelf broedrijp worden. De eerste 1 of 2 jaar broeden ze zelfs dan nog niet, ze lijken te oefenen. Ze maken wel een nest en bewaken dat ook, maar leggen nog geen ei. Dat komt pas als ze 5 jaar oud zijn.

Deze indrukwekkende vogels zijn niet schuw naar mensen, maar ze kunnen wel zeer agressief een nest of een jong bewaken. Ook naar soortgenoten kunnen ze erg fel zijn, ondanks dat de nesten echt vlakbij elkaar gebouwd worden. Ze laten hun jong bijna nooit alleen, want ook hun soortgenoten zijn niet vies van een makkelijk hapje.

Terug naar boven


Copyright Allevogels.nl
Overname van foto's en/of artikelen is niet toegestaan zonder uitdrukkelijke toestemming van de beheerder van allevogels.nl. De copyright-rechten blijven te allen tijde bij de oorspronkelijke auteur cq fotograaf, geheel in overeenstemming met de Wet.