allevogels


advertentieruimte

ook een website?

www.websitewf.nl

Sturnella loyca

Grote weidespreeuw - Sturnella loyca - Long-tailed Meadowlark

Van de weidespreeuw bestaan 2 zeer op elkaar gelijkende soorten, de grote en de kleine weidespreeuw. Wij kregen deze foto van Peter en Petra die hem in Argentinië maakten (waarvoor nog maar eens hartelijk dank!). Onze hulptroepen kwamen met de namen, de kleine of de grote dus. Vanwege de kleur houden wij het op de grote weidespreeuw, de kleine is meestal wat bruiner. De vogel heeft niet alleen een rode keel, ook de borst is tot ruim op de buik net zo mooi gekleurd.

Weidespreeuwen zijn ingedeeld in het geslacht Sturnella en vallen onder de troepialen (Icteridae). Binnen het geslacht Sturnella zijn 7 soorten beschreven:

  • Geelkaakweidespreeuw (Sturnella neglecta)
  • Grote weidespreeuw (Sturnella loyca)
  • Kleine weidespreeuw (Sturnella defilippi)
  • Peruaanse weidespreeuw (Sturnella bellicosa)
  • Witkaakweidespreeuw (Sturnella magna)
  • Witbrauwsoldatenspreeuw (Sturnella superciliaris)
  • Zwartkopsoldatenspreeuw (Sturnella militaris)

Weidespreeuwen leven in diverse landen in Zuid-Amerika, de grote weidespreeuw is voor het eerst beschreven door Molina in 1782 en komt ook voor op de Falkland-eilanden. Zowel de man als de pop zijn rond de 27 cm groot, de pop is alleen iets valer van kleur en ze zingt minder hard.
Hun habitat bestaat uit grasland met bossages, in de uitgestrekte vlaktes rond gebergten. Het zijn luidruchtige vogels, ze zingen en roepen vaak en hard. Met verschillende hoge tonen weten de vogels over grote afstanden contact te houden met soortgenoten. De bosjes en struiken zijn hier heel belangrijk bij, de mannetjes zoeken steeds een hoge plaats om te zingen. Ze leven (buiten de broedtijd) in groepen en ze zitten vaak op de grond in het gras waar ze ook hun voedsel zoeken.

Dat voedsel bestaat uit ongewervelde diertjes (insecten en hun larven, wormen en slakken), zaden en vruchten.

In het broedseizoen trekken koppels zich terug uit de grote groepen en zoeken een nestplaats. Deze spreeuwen broeden vrij dicht en vaak zelfs op de grond. Van droge grassen maakt de pop boven op hoog gras een fraai bolvormig nest met als ingang een lange sluiptunnel.
Vooral aan de binnenkant besteedt ze veel werk, die maakt ze heel fijn en zacht. Het broeden en het voeren van de jongen is ook vooral werk voor de pop, mannetjes voeren de jongen pas als die uitvliegen. In een goed seizoen broeden grote weidespreeuwen soms twee keer een legsel van 4 eieren uit.
Ondanks dat het een soort van holenbroeders zijn, zijn de eieren lichtblauw en gecamoufleerd met strepen en stippen. Vermoed wordt dat dit een overblijfsel is van hun verwantschap met spreeuwen die open nesten maken.

Terug naar boven


Copyright Allevogels.nl
Overname van foto's en/of artikelen is niet toegestaan zonder uitdrukkelijke toestemming van de beheerder van allevogels.nl. De copyright-rechten blijven te allen tijde bij de oorspronkelijke auteur cq fotograaf, geheel in overeenstemming met de Wet.