allevogels


advertentieruimte

Guarouba guarouba

Goudparkiet - Guarouba guarouba - Golden Conure

De goudparkiet is in 1788 ontdekt door de Duitser Johann Friedrich Gmelin, de vogel werd toen ingedeeld in het geslacht Aratinga. In 1831 is dit herzien en heeft de goudparkiet een andere naam gekregen, de soort- en geslachtsnaam beide Gouarouba. In het Engels kreeg de vogel behalve de naam Golden Conure ook de naam Queen of Bavaria's Conure.
De forse parkiet is 36 cm groot en er is geen verschil zichtbaar tussen man en pop.

Goudparkieten leven in het noorden van Brazilië, in de hoger gelegen, wat drogere wouden langs de Amazone. In het broedseizoen trekken ze naar de randen van de wouden en komen ze vaker in meer open gebieden. Het zijn zeer luidruchtige maar sociale dieren, ze worden vaak gezien in groepjes en in gezelschap van andere papegaaien en parkieten. De koppelvorming vindt plaats als de vogels 3 jaar oud zijn, eenmaal gevormde koppels blijven voor het leven samen.

Het voedsel dat de goudparkiet in de natuur eet, is beslist veelzijdig te noemen. Hij eet fruit, palmnoten, bloemen, bloemknoppen en zaden. Favoriet zijn mango's, de oliehoudende bessen van de Croton matouensis en de vruchten die Muruci genoemd worden, mierzoete bessen. Vooral in de broedtijd worden ook veel insectenlarven gegeten.
In gevangenschap vormt alleen een zaadmengsel dan ook beslist geen volwaardige voeding.

Het broedseizoen loopt in het wild van november tot februari, dan zoekt elk broedrijp koppel een geschikte nestholte. Dat moet een hele diepe holte zijn, meestal in een oude palmboom. Zonodig maken de vogels de ruimte zelf op maat met hun sterke snavel. Een aantal niet broedende vogels (te jonge of te oude vogels) vergezelt het koppel en blijft in de buurt van het nest.
Na een aantal dagen van hofmakerij, waarvan ook het voeren van lekkere hapjes een onderdeel is, volgen er meerdere paringen. De pop legt dan 2, soms 3 eieren die de vogels om beurten bebroeden. Na iets meer dan 4 weken komen de eieren uit en de jongen zijn dan bedekt met spierwit dons.

Dan gebeurt er iets zeer merkwaardigs, iets dat uniek is onder papegaaien en parkieten. Naast de ouders, nemen dan ook de niet broedende dieren die in de buurt bleven deel aan de zorg voor de jongen. Ook bewaken ze samen met de ouders het nest, om de jongen te beschermen tegen vooral toekans, beduchte nestrovers en de grootste vijanden van de goudparkieten.

De jongen worden door dit sociale gedrag vaak en veel gevoerd. Het dons van de jongen verkleurt snel van wit naar zachtbruin en na 3 weken komen de eerste vleugelpennen al tevoorschijn. De jongen kunnen elkaar soms erg hardhandig benaderen, niet zelden leggen wat kleinere jongen het loodje. De sterkste jongen overleven en vliegen uit als ze krap 2 maanden oud zijn. Ze zijn nog wel opvallend kleiner dan de volwassen vogels en de veren zijn nog wat groener. De hele groep voert de jongen ook dan nog ruim een maand voor ze echt zelfstandig zijn.

Hoewel goudparkieten geslachtsrijp zijn als ze 3 jaar zijn, broeden ze vaak voor het eerst succesvol als ze 6 of 7 jaar oud zijn. De eerste jaren zijn de legsels bijna altijd onbevrucht. In gevangenschap lukt het maar zeer zelden om op de natuurlijke manier jongen op stok te krijgen, de vogels zijn erg storingsgevoelig en mogelijk missen ze de helpers die ze in de natuur hebben.

Terug naar boven


Copyright Allevogels.nl
Overname van foto's en/of artikelen is niet toegestaan zonder uitdrukkelijke toestemming van de beheerder van allevogels.nl. De copyright-rechten blijven te allen tijde bij de oorspronkelijke auteur cq fotograaf, geheel in overeenstemming met de Wet.